Jacky X

06-09-2021

Mijn moestuin in vier woorden? Niet het verhoopte succes. De grond waar nu het zwembad van de vrijgevige buurvrouw steekt, bleek in hetzelfde bedje ziek als de mijne: droger dan de Sahel en meer stenen dan de Grand Canyon. De wereld in mijn hofke. En aan mijn voeten. Zeker op het houten paarse bankje, helemaal achteraan. Bij de zonnebloemen. Die wél gedijen. Wat zit ik er graag. Hier werpt het leven zijn vruchten af. Zelfs met een magere oogst.

Want het gaat niet om rendement. Niet meer. Het gaat om de plek. En dat bankje. Waar niks moet en (enkel) de natuur baas is. Waar ik de tijd krijg om te proberen, de ruimte om te mislukken en de kans om beter te doen. Waar ik niet afgerekend word op het resultaat. En niemand meekijkt. Behalve Jacky. Achternaam onbekend. Elke ochtend wandelt hij aan mijn tuintje voorbij. In zijn gulle glimlach ontwaar ik een aanmoediging. 'Bonjour!' klinkt het steevast. Zijn wandelstok zwaaiend in de lucht.

En toch. Toch wil ik beter doen. Prestatiedrang is een hardnekkig beestje. Deels aangeboren, maar vooral aangepraat. Alles kon altijd beter. In de klas, bij het sporten of op het werk. Zelden was goed ook gewoon genoeg. Dus ja, soms wil ik nog steeds de beste zijn. Of het allermooiste hebben. En ga ik verder dan het uiterste. Een dubbele doktersdiagnose op het einde van de levensrit ten spijt: een stukgebeten gebit en een moegetergd hart. Die beide enkel nog sappige groenten verdragen.

Maar God, wat zullen die er zijn. Mijn moestuin zal uitpuilen met de grootste en kleurrijkste 'légumes'. Wereldrecordbrekende pompoenen, oogverblindende aardappelen en een revolutionaire courgettesoort die mijn naam draagt. Dan baan ik me elke ochtend een weg door het woekerende groen. Tot aan het houten paarse bankje, helemaal achteraan. Bij de zonnebloemen met een dwarsdoorsnede van een zomereik. Steunend op de wandelstok die ik kreeg van een oude vriend.